24 juni 2017: The Black Archives on Tour – Black Radicalism Session

Dr. Kehinde Andrews Dr. Kehinde Andrews

Witte de With organiseert van 17 juni tot 20 augustus 2017 het programma Cinema Olanda: Platform. Een van de onderdelen is The Black Archives on Tour: Verborgen verhalen van zwart verzet in Nederland, samengesteld door New Urban Collective. Onderstaande discussiebijeenkomst maakt hiervan deel uit.

Cinema Olanda: Platform maakt deel uit van het publieksprogramma bij de Nederlandse inzending naar de Biënnale van Venetië.

Black archives: Black Radicalism Session
Zaterdag 24 juni, 19.30-21.30uur
Locatie: Witte de With
Verslag: Julia Mullié

De huidige bewegingen tegen Zwarte Piet en racisme zijn ook wel de ‘tweede antiracismegolf’ genoemd. De eerste vond plaats in de jaren 70 en 80, met organisaties als LOSON en SAWO. Echter, in The Black Archives werd recent een ‘actief vergeten’ geschiedenis ontdekt over activistische zwarte activisten die zich al in de jaren 50 en 60 organiseerden. Met name het verhaal van Otto en Hermie Huiswoud is zo’n voorbeeld van een verborgen geschiedenis van de strijd tegen racisme en kolonialisme in Europa. De Huiswouds waren onderdeel van een internationaal netwerk van zwarte activisten dat opkwam tijdens de ‘Harlem Renaissance’ en zich organiseerden rondom Marxistisch en pan-Afrikaans gedachtegoed. Dit netwerk onderhield relaties met gevestigde denkers, schrijvers en organisatoren, waaronder W.E.B. Du Bois, George Padmore en Claud McKay. Otto Huiswoud debatteerde met Marcus Garvey in Jamaica, ontmoette Lenin, en stond kritisch tegenover de vroege onafhankelijkheidsbeweging van de Surinamers in Nederland. Toch zijn zijn naam en werk bij velen onbekend. Dr. Kehinde Andrews zal zwart activisme bespreken en de rol die zwarte activisten innamen binnen de Europese context. Hij schetst zo de historische context waarin de Huiswouds actief waren. Wat is zwart activisme en hoe kan dit fenomeen begrepen worden in de hedendaagse maatschappij? Hoe waren zwarte radicale denkers uit verschillende landen, continenten en generaties met elkaar verbonden? En welke lessen kunnen we leren met betrekking tot hedendaags activisme en actuele politiek?

Het systeem faalt niet, dit IS het systeem

Tijdens zijn rondleiding door de tijdelijke dependance van The Black Archives bij Witte de With lichtte oprichter Mitchell Esajas (New Urban Collective) het verhaal van Otto en Hermie Huiswoud toe. Dr. Kehinde Andrews (Associate Professor, Birmingham City University) schetst in zijn lezing de context waarbinnen dergelijk zwart activisme in Europa plaatsvindt. Alhoewel ze zich overal wellicht anders manifesteren, zien we steeds dezelfde problemen: problemen die zwarte mensen ervaren als gevolg van westers imperialisme. ‘Zwart activisme vond plaats op alle continenten en toch weten we eigenlijk slecht wat black radicalism inhoudt’, aldus Andrews.

Voordat je überhaupt kunt beginnen met een radicale analyse, is het volgens Andrews belangrijk je af te vragen wat Europa betekent en wat de grenzen tussen landen betekenen. Hij stelt dat de macht en invloed die Europa heeft niet is gebaseerd op afzonderlijke landen, maar op wereldrijken. Wanneer je Europa begint te begrijpen als een fenomeen dat vrijwel de hele wereld besloeg krijgen black radicalism en migratie een nieuwe betekenis: die van een globale politiek. Daarnaast acht Andrews het van belang de term black radicalism helder te definiëren omdat er volgens hem veel misvattingen bestaan over zowel black als radicalism.

Zo wordt radicalisme bijvoorbeeld vaak verward met extremisme. Dit terwijl beide begrippen volgens Andrews tegengesteld zijn aan elkaar. Waar extremisme een deel van een bepaald gedachtegoed doorvoert tot iets dat niets meer heeft te maken met de oorsprong, gaat radicalisme uit van het omverwerpen van een systeem om het te veranderen. Andrews vervolgt dat extremisme ontstaat wanneer er geen plek is voor radicalisme; wanneer er geen ruimte is voor kritiek. Daarnaast wordt radicalisme vaak geassocieerd met geweld. Dit is echter geen onderdeel van de ideologie van radicalisme. Pas wanneer het systeem gewelddadig is, kan geweld nodig zijn.

Alhoewel black een simpel begrip lijkt, zet Dr. Andrews uiteen hoe het vaak wordt verward met ‘ras’. Dat laatste begrip is problematisch omdat het een idee van hiërarchie geeft. Dit is vervolgens ook realiteit geworden en zelfs geïnstitutionaliseerd. Deze notie van ras ligt volledig besloten in de politiek en economie van het westen en is zelfs toegepast om mensen tot slaaf te maken en ze te vermoorden. ‘Genocide, slavery and colonialism is what made the west so great. Race is the problem. It does create us as negroes’, vervolgt Andrews. Black verwerpt deze notie van ras. Als groot bewonderaar van Malcolm X citeert Andrews hem: ‘The new type of negroes is not making apologies for being black, but is organizing and resisting’. Zodoende is blackness een revolutionaire identiteit volgens Andrews die in staat is het Europese construct van ‘ras’ te verwerpen. Daarin schuilt volgens hem ook het belang van The Black Archives.

Radicalisme is in staat tot kritische analyse van bestaande structuren. Zonder een radicale politiek, zal er geen vooruitgang zijn volgens Andrews. Als voorbeeld noemt hij de recente brand in de Grenfell Tower in Londen waarbij een groot aantal mensen om het leven kwam, voornamelijk arm en zwart. Recentelijk nog werd de toren gerenoveerd, aldus Andrews. Maar, met uiterst brandbaar materiaal waardoor de toren dusdanig vlam kon vatten. Andrews vraagt zich hardop af wat ervoor zorgt dat er brandbaar materiaal wordt gebruikt in zo’n gebouw. Uiteraard heeft niemand moedwillig mensen willen vermoorden, maar blijkbaar werd er ook geen urgentie gevoeld doden te voorkomen. Hier zie je dat het niet het systeem is dat faalt, maar dat dit precies is zoals het systeem in elkaar zit, aldus Andrews. Een ander voorbeeld is het feit dat in Amerika zwarte mensen kunnen worden vermoord door politieagenten. Dit is niet het systeem dat faalt, maar dit is hoe het systeem werkt, herhaalt Andrews. Deze problemen zijn niet op te lossen omdat ze in het systeem besloten liggen. Er moet dus een nieuw systeem voor in de plaats komen.

Met als voorbeeld de naamgeving van Witte de With vraagt Esajas hoe Andrews denkt over het dekoloniseren van instituten: is dat überhaupt mogelijk? Het simpele antwoord is ‘nee’, volgens Andrews: ‘Het maakt geen verschil of het Witte de With of de Marcus Garvey Foundation heet.’ Maar, vervolgt hij, je moet ook politiek bedrijven die het lokale bewustzijn raakt. Vanuit het lokale moet je mensen mobiliseren. De naamgeving van Witte de With is onderdeel van een veel grotere discussie: wat problematisch is, is dat het vaak blijft bij een naamsverandering zonder verder vervolg te krijgen.