Birgit Donker blogt

Cultuur en ruimte

Rondetafel

‘Het is van de ratten besnuffeld dat er niet meer rijksgeld gaat naar kunst in de regio.’ Dat stelde CDA-Kamerlid Madeleine van Toorenburg deze week tijdens een ronde tafelgesprek over de zes rijkscultuurfondsen. Als het zo doorging kon wat haar betreft de hele kunstbegroting de haard in en of ik daar antwoord op wilde geven.

Rondetafelgesprek

Dat deed ik graag, want natuurlijk is het zo dat wij net zo lief aanvragen uit de regio honoreren als die uit de grote steden. En dat alle regelingen bij het Mondriaan Fonds, en trouwens ook bij de andere publieke fondsen, openstaan voor iedereen waar ook in Nederland – van Middelburg tot Beetsterzwaag. En ook trouwens in het Caribisch deel van het koninkrijk. Kwaliteit is bij de beoordeling het belangrijkste criterium en daarnaast tellen criteria mee als zichtbaarheid en samenwerking, maar ook context. Voor instellingen, die ten minste 60 procent zelf moeten opbrengen, geldt bij programmabijdragen: hoe is het draagvlak, zijn ze lokaal ingebed?

In de praktijk blijkt dat de helft van de bijdragen van het fonds aan instellingen (denk aan de meerjarenprogramma’s musea en overige erfgoedinstellingen of aan de samenwerking musea) worden besteed buiten de vier grote steden. Bijvoorbeeld aan het Fries Museum, dat samen met Tresoar, Natuurmuseum Friesland, Scheepvaartmuseum Friesland en het Landbouwmuseum aan een duurzaam Kolleksjesintrum Fryslan bouwde.

Kolleksjesintrum FryslânTresoar

Om aan iedereen in Nederland die in aanmerking komt voor een bijdrage te tonen dat we een open fonds zijn, organiseren we iedere drie maanden een open huis. Daarnaast gaan we het land in met bijeenkomsten over ons nieuwe beleid, vanaf begin volgend jaar. Ook onze adviseurs, die tegelijkertijd belangrijke ambassadeurs voor het fonds zijn, werven we nadrukkelijk ook in de regio met advertenties in lokale kranten. En bij de samenstelling van de adviescommissie speelt regionale spreiding een rol.

Dat alles neemt niet weg dat het een feit is dat er meer cultureel leven is in de Randstad dan in de regio. Dus dat er vanzelfsprekend meer geld naar toegaat, zeker als je kijkt naar individuele kunstenaars die nu eenmaal vooral in de grote steden wonen. Zoals er vanzelfsprekend in de regio meer rust en ruimte is.
Later tijdens dezelfde rondetafel kwam een gedeputeerde uit Brabant aan het woord. Hij had becijferd dat er minder kunstgeld gaat naar de hoofden van de bevolking in de regio dan naar die in de Randstad. En vergat daarbij dat de bezoekers van, neem het Rijksmuseum, lang niet allemaal uit Amsterdam komen. Dus dat het geld dat naar Amsterdam gaat niet wordt uitgetrokken voor louter de inwoners van de stad maar ook voor de zovele bezoekers van elders. De gedeputeerde somde een rijtje culturele evenementen op in zijn provincie die ten onrechte geen geld zouden krijgen van het Rijk, waaronder Breda Photo – dat voor de editie 2016 een bijdrage van 60.000 euro kreeg van het Mondriaan Fonds. Wat maar weer bewijst dat het fonds bij zijn toekenningen kwaliteit ook in de regio herkent en erkent.