Birgit Donker blogt

En de winnaars zijn…

Nederlands Paviljoen. Foto: Judith Jockel

Volgend voorjaar opent de beeldende kunst-editie van de Biënnale van Venetië en de voorbereidingen zijn in volle gang. In mei wordt besloten wie Nederland zal vertegenwoordigen. Vandaag werd bekend welke vijf kunstenaars en curatoren dan hun plannen presenteren. Het zijn Melanie Bonajo met curatoren Emma Panza en Maaike Gouwenberg; Erik van Lieshout met curator Francesco Stocchi; Renzo Martens met curatorial advisory team bestaande uit Charles Esche, Charles Tumba en Els Roelandt; Wendelien van Oldenborgh met curator Lucy Cotter en Jennifer Tee met curatoren Hilde de Bruijn en Nina Folkersma – die kunnen hun ideeën vanaf nu verder uitwerken.

Melanie Bonajo, still from Night Soil / Economy of Love, 2015 Erik van Lieshout, Novecento 1976, 2016 Institute for Human Activities Research Center, undisclosed location DR Congo, 2015

Wendelien van Oldenborgh, Cinema Bete & Deise, 2012-2013, HD film in architectuur, De Vleeshal, 2013 (ism If I Can’t Dance and Wilfried Lentz) Jennifer Tee, performance: Concrete Interior, duration 20 min. Dancer Miri Lee The Soul in Limbo, Cobra Museum van Moderne Kunst. Fotografie: Ernst van Deursen

De jury heeft daarmee gekozen voor een rijk geschakeerd palet. Hun uitermate verschillende projectvoorstellen sluiten het beste aan bij de wens van het Mondriaan Fonds om relevante ontwikkelingen in de Nederlandse hedendaagse beeldende kunst in een internationale context te tonen. De kwaliteit van de kunstenaar en diens oeuvre, de reputatie van de curator, de meerwaarde van de samenwerking tussen de kunstenaar en curator waren daarbij doorslaggevend. De vijf voorstellen dragen bovendien de belofte in zich van een verrassende en vernieuwende kijk op het werk van de kunstenaars.

Liefst 68 inzendingen ontving het Mondriaan Fonds na de open oproep voor Venetië, eind vorig jaar. De jury, bestaande uit Lorenzo Benedetti, Nathalie Hartjes, Aernout Mik en Mirjam Westen, heeft zich vorige week gebogen over al die plannen voor het Nederlands paviljoen.
Dat er zo veel projectvoorstellen binnenkwamen wijst erop dat de open call, net als in 2012 en 2014, een snaar raakt en het laat de verbondenheid van de Nederlandse kunstwereld met het Nederlandse paviljoen zien.
Landen als Frankrijk, sinds de vorige editie, en Finland, deze editie, kiezen inmiddels ook voor deze methode van selectie. Het Mondriaan Fonds ging in 2012 over op de open oproep omdat dat wel zo helder maakt hoe en met welke criteria de keuze wordt gemaakt. In het verleden wees het fonds direct zelf een curator aan, na raadpleging van adviseurs en voormalig curatoren en zonder verdere verklaring. Nu kan iedereen die dat wil meedingen. Er wordt vervolgens inzichtelijk geoordeeld door een deskundige jury.
Deze aanpak bleek tot onverwachte voorstellen te leiden. Dat komt in onze ogen het open en gulle karakter van kunst ten goede.

Het Mondriaan Fonds is niet doof voor de kritiek die soms ook klinkt op het systeem met een open call. Het zou te veel teleurstelling zijn voor de kunstenaars en curatoren op de lijst die uiteindelijk niet worden gekozen. En dat zou er toe kunnen leiden dat zij zich niet opnieuw melden. Gelukkig hebben we ondervonden dat die laatste vrees voor lang niet iedereen opgaat.  Het is tenslotte ook een eer: alle vijf geselecteerde kunstenaars en curatoren stijgen volgens de jury met hun plan boven de overige 63 uit.
Bovendien zorgt de huidige methode voor een inhoudelijke en open discussie over de vraag wie nu het beste naar Venetië zou kunnen gaan en waarom, die zich niet beperkt tot de kunstwereld. Ook de wereld daarbuiten blijkt met de keuze mee te leven. Op deze manier grotere zichtbaarheid schenken aan beeldende kunst is essentieel voor het Mondriaan Fonds, vanuit de gedachte dat kunst inclusief is en dat nu nog te weinig mensen weten wat een kunstenaar beweegt, hoe hij werkt en vooral: welke rijkdom kunst biedt.
Iedere methode heeft zijn voor- en zijn nadelen en ook deze methode is niet voor altijd. Wat wel altijd zal gelden: kunst is niet voor bange mensen.