Birgit Donker blogt

Het museum als ideeënfabriek

Wachtrij Van Gogh Museum. © Explorista: explorista.net

De directeur van het Van Gogh Museum zegt het al zo vaak: het bedrijfsleven kan leren van musea. Waarom, werpt Axel Rüger regelmatig op, word ik nooit gevraagd om zitting te nemen in de raad van commissarissen van een groot bedrijf terwijl men in het bedrijfsleven denkt er net zo gemakkelijk even een toezichthoudende functie in de kunstwereld bij te kunnen doen? Rüger runt immers ook een miljoenenbedrijf met een complexe mix van publieke en private middelen, een maatschappelijke opdracht, grote bezoekersstromen met alle risico’s van dien en een zeer zakelijke bedrijfsvoering.

Rügers hartekreet wordt nu ondersteund door onderzoeker Cees van Riel van de Erasmus Universiteit. Hij zegt: bedrijven kunnen leren van musea. Van Riel reageert op onderzoek naar de reputatie van wereldberoemde musea als de Hermitage, het Louvre en het Prado. Wat blijkt? Het Van Goghmuseum en het Rijksmuseum staan respectievelijk op de tweede en derde plaats. Japanse en Chinese bezoekers zijn net iets positiever over het Louvre dan over de twee Amsterdamse musea. Onder Europese museumbezoekers staat het Van Gogh wel op de eerste plaats, vlak voor het Louvre en het Rijksmuseum. Het Van Gogh is voornamelijk populair onder de Fransen en Britten. Onder Nederlanders scoort het Rijksmuseum volgens de onderzoekers verreweg het beste. Axel Rüger zei over de hoge klassering: “Twee Nederlandse musea in de wereldtop zegt wel iets over het niveau van onze sector.”

Tentoonstelling Art Is Therapy in het Rijksmuseum. Foto: Olivier Middendorp

En Nederlandse bedrijven kunnen daar hun voordeel mee doen volgens Van Riel, professor corporate communicatie. Een goede reputatie levert een organisatie niet alleen financiële voordelen op, het zorgt er ook voor dat de organisatie eerder een geloofwaardige partner is voor overheid, politiek en ngo’s. Ondernemers kunnen leren van de wijze waarop een museum wordt bestuurd en hoe ze hun maatschappelijke taak opnemen. “Musea staan eigenlijk voor het nationaal erfgoed”, zei Van Riel aan nu.nl. “De eerste les die we daar uit kunnen trekken is dat het laten zien wat je voor je nationale samenleving doet, een zeer groot effect heeft op je reputatie in je eigen land.” Musea worden volledig gedreven door het vervullen van hun taak, het beschermen van nationaal erfgoed en ervoor zorgen dat hun nationale schatten worden gezien. “En met die ‘sense of purpose’, dat idee van zingeving, in het achterhoofd wordt het geld in musea zo slim mogelijk uitgegeven. Musea worden daarvoor beloond in de vorm van een fabelachtig hoge reputatie. Bedrijven die hun reputatie zouden willen verbeteren, kunnen zeker een voorbeeld nemen aan deze drijfveren van de musea.”

Het is geweldig wat Nederlandse musea presteren: steeds grotere aantallen bezoekers weten ze te trekken en ze voldoen vaak aan vooraf gestelde normen voor eigen inkomsten. Tegelijkertijd moeten we ons als samenleving afvragen of de eisen die we stellen aan musea niet al te zakelijk zijn. Met name de kleinere musea hebben soms grote moeite om hun begroting rond te krijgen. Wat je ook hoort van musea: we hebben veel en drukbezochte exposities maar we komen onvoldoende toe aan onderzoek en het verwerken van de nieuwe informatie die een expositie oplevert. Omdat musea te weinig toekwamen aan het maken van plannen op langere termijn voor bijvoorbeeld samenwerken met anderen of voor hun meerjarenprogrammering, biedt het Mondriaan Fonds de mogelijkheid hiervoor een speciale bijdrage aan te vragen voor het formuleren van een voorstel dat vervolgens kan leiden tot een grotere aanvraag.

Depot Kolleksjesintrum Fryslan, Leeuwarden

Musea zijn er om ons erfgoed te bewaren, om het te onderzoeken, te tonen, én om het erfgoed van de toekomst mee mogelijk te maken in de vorm van opdrachten aan en exposities over hedendaagse kunstenaars. Ze zijn er om het publiek versteld te doen staan. Bovendien zijn ze er voor het overdragen van ideeën. En ze zijn er voor onderzoek. De bijvangst is dat ze onbedaarlijk kunnen bijdragen aan de reputatie van zichzelf, van de plaats waar ze zijn gevestigd of zelfs hun land. En een andere bijvangst is dat ze een inspiratie kunnen vormen voor het bedrijfsleven. Kortom, ze presenteren het vrijwel onmogelijke. Worden ze daarvoor voldoende beloond?

Deadlines
Meerjarenprogramma’s Musea en overige Erfgoedinstellingen: 15 september
Bijdrage Samenwerking Musea: 29 september
Internationale Samenwerkingen Erfgoedinstellingen: 20 oktober

(Uitgelichte foto: wachtrij Van Gogh Museum. © Explorista: explorista.net)