interviews

‘Groeien als kunstenaar, met alles wat uit je handen komt, maar ook naar de geest’

Koen Taselaar

Als beeldende kunst kan klinken spettert het geluid bij Koen Taselaar van de muren. ‘Dat zijn Kiki en Bouba, ken je die niet?’ Grijnzend wijst hij op twee behangprints in felle kleuren tegenover elkaar. De ene is vuurrood: een kettingreactie van explosies, met scherpe punten die elkaar voortstuwen. ‘Kiki.’ Het patroon ertegenover is blauw, een vloed van bolle druppels. Dat moet Bouba zijn. Verder is er nog een muur in groen (plantaardige slingers) en een in zwartgrijs (strak golfpatroon). ‘Dat zijn hun vrienden, mijn eigen inventies, die vrijheid gun ik mezelf toch maar.’

Taselaar speelt met klanksymboliek. Hij voert het Kiki-Bouba-effect op, dat stamt uit 1929, toen de psycholoog Wolfgang Kohler ontdekte dat wij klanken koppelen aan kleuren en vormen zien dansen. Die wisselwerking doordrenkt alles wat hij maakt. In zijn tekeningen, boeken en sculpturen boksen vorm en tegenvorm tegen elkaar op, jongleert hij met taal en tekens, laat hij letters verspringen. ‘Toen Kaselaar’, is de titel van zijn nieuwe overzicht. En dat is niet eens onzin, als je Koen Taselaar heet en je artistieke ontwikkeling in retrospectief toont. Dubbelzinnigheden, de suggestie van driedimensionale energie en het weerkaatsen van lokale werelden zijn karakteristiek.

Taselaar (1986) exposeert in zijn geboortestad Rotterdam, bij Roodkapje: een fikse ruimte in een complex dichtbij het Centraal Station, waar ook optredens plaatsvinden en een restaurant creatieve hamburgers serveert. Tot zijn uitgesproken blijheid ‘hangt er net iets meer de sfeer van een jeugdsoos dan van een museum’. De opening was met 400 bezoekers bomvol. ‘Insane.’ Het overzicht toont de buit van tien jaar Taselaar: een veellagige mix van media en technieken, invloeden en inzichten uit culturen en subculturen, deels dankzij werkperiodes bij de MMCA Residency Changdong in Seoul, Zuid-Korea, de Art Research Foundation in Kolkata, India en het Europees Keramisch Werkcentrum in Nederland.

Tentoonstelling Koen Taselaar bij Roodkapje. Foto: Aad Hoogendoorn

Tentoonstelling Koen Taselaar bij Roodkapje. Foto: Aad Hoogendoorn

Tentoonstelling Koen Taselaar bij Roodkapje. Foto: Aad Hoogendoorn

Tentoonstelling Koen Taselaar bij Roodkapje. Foto: Aad Hoogendoorn

‘Een wijk vol drukkerijen: één grote, knarsende, papier uitspugende installatie’

Over de aantrekkingskracht van beide buitenlandse residenties vertelt Taselaar: ‘Kunst en design, maar ook ambacht, zijn in Azië veel minder strak van elkaar gescheiden dan bij ons. Voor mij is dat een prima context. Tekeningen staan aan het begin van alles wat ik doe, meestal met letters of een tekst als startpunt. Het bevrijdende als je een taal niet beheerst is dat je kunt focussen op de abstractie. Het Koreaanse schrift, Hangul, is heel beeldend. In het grafisch design ervan worden gretig cartoons gebruikt. Ik absorbeer die visuele cultuur als ik de stad doorkruis. In Seoul heb ik een skateboard gekocht, dat was ideaal en voert ook buiten gebaande paden. Maar wijken en markten lopend verkennen brengt je ook in een paar uur werelden verder, elke dag weer. Ik kan me vinden in de beschrijving die criticus Jan Verwoert geeft van kunst: het is niet zoiets als een heldendaad, maar een dagelijkse bezigheid zoals het doen van de afwas – iets dat gedaan moet worden.

‘Wat mij ook trekt is het provisorisch gebruik van materiaal, de do-it-yourself kwaliteit die je in India en Korea ziet. In Kolkata wordt alles gebruikt, hergebruikt en dan nog eens opnieuw. Er zijn monteurs voor paraplu’s; winkeltjes voor tweedehands dozen. Kleine oplossingen zijn interessant; reparaties waardoor beeldrijmen ontstaan. Barsten in autoruiten worden hersteld met gekleurd plakband, wat resulteert in supermooie tekeningen. Ik maakte er foto’s van en rende op een dag achter zo’n auto aan, wat de bestuurder dan ook weer geweldig vond. En één van mijn plekken was Baithakkhana, een wijkje vol drukkerijen die lokale printtechnieken beheersen die in Nederland niet bestaan, of niet meer. Deze wijk zit vol papierwinkels, xerox shops, printers, snijwinkels, zeefdrukkers, blokdrukkers, het is een soort enorme knarsende, papier uitspugende Tinguely installatie.’

Tentoonstelling Koen Taselaar in Seoul

Tentoonstelling Koen Taselaar in Seoul

‘Werken zonder zorgen, tja, leg die luxe maar eens uit!’

Over het belang van de bijdrage die het Mondiaan Fonds voor deze residenties verleende is Taselaar duidelijk. ‘Daar komt alle groei vandaan; de technisch steeds verdergaande toepassing van ambachten, speciaal printwerk en keramiek. Alleen al het gebruik van materialen zou anders onbetaalbaar zijn, waardoor je er niet aan begint, laat staan ermee zou durven experimenteren. Werken zonder zorgen, tja, leg dat maar eens uit aan je medekunstenaars! Ik ervaar het als een luxe, omdat ik weet dat het anders kan. Als een aanvraag mislukt is dat echt shit. En toch kwam ik door zulke dompers ook verder, achteraf beschouwd, ik dacht: dat moet beter kunnen, ik moet het kunnen uitleggen. Dit even ter bemoediging van de collega’s. Een toekenning zorgt er letterlijk voor dat je kunt groeien, met alles wat uit je handen komt, maar ook naar de geest.’

Eind augustus kwam Taselaar uit Seoul retour in Rotterdam, zijn thuisbasis; begin september opende zijn show bij Roodkapje. Vrienden moesten worden opgetrommeld om Kiki en Bouba op de muren te plakken. ‘Het was even doorstomen.’

Middenin de ruimte staan op een podium keramische sculpturen. Een Koreaanse tijger op kop van een totem geeft de buit van tien jaar Taselaar een gezicht. Of twee gezichten eigenlijk, want de tijger heeft een dubbel profiel. Zoals beide Korea’s met hun verschillende politiek? ‘Politiek?!’ Taselaar deinst achteruit. ‘Begin daar nou niet meteen over! Dat geloof ik gewoon niet; dat kunstenaars daarin de maat aangeven. Fijn als het werk wringt, graag zelfs, maar ook daarin ben ik nog liever puberaal dan politiek. Dat ligt dichterbij het hart. Wat ik heb gedaan is archetypen verzamelen, de taal in beeld, zoals die een markt kleurt: met kannen waar rijstwijn uit wordt geschonken, koekjes in de vorm van een vis en gezichtjes op verpakkingen, vaak van de tijger als poes. Tegenover het cliché van Korea als land van politieke complexen, plastische chirurgie, dienstbare economie en bizarre werkdruk, viel mij op dat er veel grappen door de lucht vlogen. En een grote hartelijkheid, als in: hee, je hebt een beeld gemaakt van onze cultuur, kom hier, we gaan je knuffelen!’

Tentoonstelling Koen Taselaar bij Roodkapje. Foto: Aad Hoogendoorn

Tentoonstelling Koen Taselaar bij Roodkapje. Foto: Aad Hoogendoorn

Toen Kaselaar| Retrospectieve tentoonstelling Koen Taselaar is tot en met 21 oktober te zien bij Roodkapje in Rotterdam. Roodkapje ontving een compensatie voor het betalen van het kunstenaarshonorarium uit het Experimenteerregelement. Koen Taselaar ontving een Bijdrage Gastateliers voor de MMCA Residency Changdong in Seoul, Zuid-Korea, en eerder de Art Research Foundation in Kolkata, India.