interviews

‘Onze Maria ontmoet eindelijk haar broers en zussen uit de rest van Europa’

Katja Weitering bij 'Zittende Maria, Maasgebied' (ca. 1240) in Museum Catharijneconvent Katja Weitering bij 'Zittende Maria, Maasgebied' (ca. 1240) in Museum Catharijneconvent

‘Onze Maria, die al bijna 800 jaar oud is, heeft een klepje in haar hoofd. Ze is zelf een heiligenbeeld, maar droeg ook heilige voorwerpen met zich mee. In haar hoofd zaten relieken. Zoveel konden we wel afleiden aan haar uiterlijk; die holte in haar hoofd. Verder hield ze iets raadselachtigs. We wisten bijvoorbeeld niet welke positie ze innam in de kerk. Nu hebben we ontdekt dat ze het altaar bekroonde, de heiligste locatie, waar de mooiste beelden en schilderijen voor werden gemaakt door de beste ambachtslieden. Ze stond bovenop het altaarblok dat was voorzien van een frontaal, een beschilderd paneel, en stond in een tabernakelschrijn, een soort kastje met luiken die konden worden gesloten. Daarboven was ook nog vaak een baldakijn, dat een hemelgewelf suggereerde. De Maria had dus een theatrale, beschutte setting. Dat is een belangrijke uitkomst van het internationale onderzoek dat we, onder leiding van conservator Micha Leeflang, hebben kunnen uitvoeren voor de tentoonstelling North & South, Europese topstukken herenigd, die later dit jaar opent. De raadsels van onze Maria waren de aanleiding voor dat onderzoek. Wij hebben het geïnitieerd binnen het Europese netwerk van musea voor middeleeuwse kunst, in eerste instantie omwille van haar, en zij speelt op de tentoonstelling ook een hoofdrol.’

Detail van het Olav-altaarfrontaal, Trondheim, ca. 1300. Trondheim (Noorwegen), Nidaros Cathedral

Detail van het Olav-altaarfrontaal, Trondheim, ca. 1300. Trondheim (Noorwegen), Nidaros Cathedral

Katja Weitering, Hoofd Presentaties van Museum Catharijneconvent in Utrecht, vertelt met liefde over de Maaslandse Maria en de reikwijdte van het onderzoek dat aan dit beeld te danken is. Na jaren van voorbereiding maakt het museum zich op voor de komst van tientallen spectaculaire kerkelijke kunstwerken. Het gaat om topstukken voor devotie en decoratie die in de twaalfde tot veertiende eeuw zijn gemaakt in het noorden en zuiden van Europa: Noorwegen en Catalonië. De heilige Olav uit Trontheim, rond 1300 op paneel geschilderd en hét gezicht van de nationale heilige van Noorwegen, zal voor het eerst Noorwegen verlaten om naar Utrecht af te dalen. Uit het zuiden komen eveneens unieke heiligenbeelden en reliekhouders, soms uit goud en zilver vervaardigd. In het midden van westelijk Europa zijn de kerkschatten uit deze periode vrijwel verdwenen, ten prooi gevallen aan godsdienstoorlogen, Beeldenstormerij en de Franse revolutie. Of simpelweg de tand des tijds. Nu komen ze voor eerst bijeen. En vermoedelijk voor het laatst, gezien hun kwetsbaarheid. Na Utrecht gaat de tentoonstelling alleen nog naar het Museu Episcopal de Vic in Catalonië. Samen met het Noorse Universiteitsmuseum in Bergen is dat de belangrijkste partner en bruikleengever. Het Catharijneconvent ontwikkelde de internationale samenwerking met bijdragen van het Mondriaan Fonds.

‘Het mooie is, dat onze Europese samenwerking ook een historische aan het licht brengt,’ zegt Weitering. ‘Tot aan de uiterste randen van Europa, over bergen, rivieren en fjorden heen, bestond tijdens de hoge middeleeuwen verwantschap binnen de kerkelijke kunst. Noord en Zuid blijken één.’

‘Eén Europese beeldtaal van Noord tot Zuid, met de emoticons van de middeleeuwen’

De hechtheid van die verwantschap binnen Europa bleek pas gaandeweg het onderzoek. ‘Bij de middeleeuwen denk je al snel aan bloedige ridderslagen en stoere, elkaar bevechtende koninkrijkjes,’ zegt Weitering. ‘Maar hier stuitte het team van internationale onderzoekers juist op overeenkomsten, die voor de periode van 1100 tot 1350 een harmonieuze uitwisseling onthullen van culturele en religieuze waarden. Dat is vernieuwend. Meestal beperken musea zich tot onderzoek naar hun eigen, nationale collecties. Nu we kunnen samenwerken over onze eigen grenzen heen, komen we ook tot verdergaande inzichten. Noord en Zuid treffen elkaar straks in Utrecht en je ziet er een ongekende culturele eenheid, als vroege voorloper van de Europese Unie! De kerk fungeerde daarbij als superstructuur. Over verre streken kon één christelijke beeldtaal worden uitgerold, die overal herkenbaar was. Sindsdien hebben misschien alleen emoticons zo’n reikwijdte. Voorstellingen van heiligen, maar ook technieken werden gedeeld. Er waren handelsbetrekkingen en er was sprake van harmonie, een tijd van grote bloei.’

 

Links: Plafondbaldakijn met Christus als Salvator Mundi, Catalonië, laatste kwart 13e eeuw. Vic, Museu Episcopal
Rechts: Zittende Maria, Maasgebied, ca. 1240. Utrecht, Museum Catharijneconvent

De tentoonstelling met kerkschatten uit die bloeitijd levert een buitenkans op voor het museumpubliek én voor de Maaslandse Maria, belooft Weitering. ‘De Madonna is het oudste beeld uit onze verzameling. Na al die eeuwen ontmoet ze eindelijk haar broers en zussen; Madonna’s, Christusbeelden en nog zoveel meer heiligen die haar geschiedenis verrijken,’ zegt ze, alsof ze het heeft over een familiestamboom, die dankzij geavanceerd DNA-onderzoek aan het licht komt. Weitering moet lachen, maar voegt er bevestigend aan toe: ‘Aan de onderlinge gelijkenis én kerkelijke setting die bij verre verwanten nog wel bekend was, zijn onze nieuwe inzichten en reconstructies te danken. Bijvoorbeeld over die plaats op het altaar, waar ze als bemiddelares voor de gelovigen optrad. Dichterbij God kon je niet komen. Op de tentoonstelling maken we die context ook zichtbaar voor het publiek. We exposeren de altaarstukken als de unieke werken die het zijn, maar laten ook de eenheid zien van deze kerkelijke kunst én we willen graag iets overbrengen van de mystieke ervaring. Daarom komt er ook een hedendaagse lichtinstallatie, tot slot van de tentoonstelling. Daarin verrijst een altaar uit de hoge middeleeuwen via projecties die alles erop en eraan laten zien, in een ruimte waar Latijnse muziek klinkt.’

Weitering hoopt dat museumbezoekers zich door de schoonheid en het mysterie kunnen laten begeesteren. ‘Wij zijn een museum dat vanuit een collectie die geïnspireerd is door het christendom mensen wil laten nadenken over universele vraagstukken. Het museum is er voor iedereen. Religieuze kunst stond vroeger in het hart van de samenleving. Wij denken erover na hoe we dat aansprekend kunnen overbrengen. Wij doen wetenschappelijk onderzoek, zoals voor North & South en publiceren daarover in de catalogus die ook een naslagwerk wordt. Daarnaast ontwikkelen we nieuwe vormen van presentaties. Waar stónd religieuze kunst voor? Welke rol speelde ze in ons leven? Zulke vragen willen we dichterbij halen en daarmee de kunst zelf.’

Luik van een tabernakelschrijn uit de kerk van Fåberg (Oppland, Noorwegen), ca. 1250. Oslo, National Museum of Cultural History

Luik van een tabernakelschrijn uit de kerk van Fåberg (Oppland, Noorwegen), ca. 1250. Oslo, National Museum of Cultural History

De tentoonstelling ‘North & South, Europese topstukken herenigd’ opent dit najaar bij Museum Catharijneconvent in Utrecht en is te zien van 25 oktober 2019 tot en met 26 januari 2020. Daarna gaat de tentoonstelling naar Catalonië. Het vooronderzoek en de tentoonstelling kregen een Bijdrage Samenwerking Internationale Erfgoedinstellingen van het Mondriaan Fonds.

De eerstvolgende deadline voor het indienen van een aanvraag voor een Bijdrage Samenwerking Internationale Erfgoedinstellingen is op 21 oktober 2019.