Toespraak Birgit Donker bij opening All you can Art in de Kunsthal Rotterdam

Birgit Donker opent All you can Art. Foto: Jan Hoekema Birgit Donker opent All you can Art. Foto: Jan Hoekema

Uitgesproken op 4 juni 2016 bij de opening van All you can Art, een tentoonstelling en summerschool ter viering van het tienjarig bestaan van het Instituto Buena Bista in de Kunsthal Rotterdam.

Waarde Tirzo en David, geachte aanwezigen,

Ik vind het een eer dat ik mag spreken hier bij de opening van ‘All you can Art’.

Zoals Emily net zei, ik ben de directeur van het Mondriaan Fonds; het stimuleringsfonds dat namens de burger, namens u dus, investeert in beeldende kunst en cultureel erfgoed.

Het Instituto Buena Bista, of IBB zoals het kortweg wordt genoemd, en het Mondriaan Fonds hebben een lange gezamenlijke geschiedenis. Vanaf de eerste dag, tien jaar geleden, werken we samen. Direct werd voor het gastatelier van het IBB een overeenkomst gesloten met het fonds; en verbleven daar dus kunstenaars uit Nederland om er een periode te werken. En al snel werd de instelling ook opgenomen binnen de groep van vooruitstrevende presentatie-instellingen die een bijdrage krijgen van het fonds. De Nederlandse burger investeert via het Mondriaan Fonds kortom vanaf dag 1 in het IBB. Gelukkig maar!

Zelf kwam ik bij mijn aantreden vier jaar geleden als directeur van het fonds al snel veelvuldig in aanraking met het IBB. En als geboren Curaçaoënaar kijk ik altijd met belangstelling naar hun projecten, naar de resultaten van de gastateliers, en naar de tentoonstellingen waar het werk van Tirzo en David te zien is, bijvoorbeeld in Kade in 2012 op een expositie over hedendaagse kunst uit de Cariben en nu dus hier in de Kunsthal.

Een aantal zaken valt me daarbij altijd op, en die deel ik graag met u.

Een duidelijker voorbeeld van talentontwikkeling is moeilijk voor te stellen. Het IBB scout talent van het eiland en bereidt het voor op de juiste vervolgopleiding in het creatieve veld. Uit een artikel vorige week in de Volkskrant begreep ik dat deze talenten het IBB zo in hun hart hebben gesloten dat ze ook als ze het eiland al hebben verlaten nog vaak contact opnemen. Tirzo en David zorgen zo voor kansen voor jongeren én voor waardering voor beeldende kunst.

Ook de kunstenaars in de gastateliers geven les aan de jongeren. Dat geeft dan weer een impuls, zowel aan het kunstklimaat op Curaçao als hier.

In een krantenartikel uit 2006 staat een quote van David Bade, die aangeeft hoe serieus zij vanaf het begin werkten. Over de selectie van de kunstenaars voor het gastatelier zei hij: ‘Daar denken wij over mee. Want we willen voorkomen dat mensen hier alleen komen voor zon, zee en strand. Er moet ook bewustzijn over Curaçao worden gecreëerd in Nederland.’ In hetzelfde artikel zei Tirzo Martha: ‘IBB biedt een noodzakelijke en toegevoegde waarde voor de Curaçaose realiteit, waarin veel kunst puur commercieel is.’

Het feit dat Tirzo en David vanaf het begin überhaupt een uitwisseling met kunstenaars uit Nederland en hun studenten op Curaçao voor ogen hadden, getuigt van durf. Ondanks weerstand, hielden zij vast aan hun visie op het verbreden van een blikveld, het delen van ervaringen, het tonen van perspectieven. In een tijd waarin wantrouwen jegens de ander en het nieuwe alleen maar groter lijkt te worden, is dat broodnodig.

En wat een prachtige resultaten leverde de gastateliers op! Kijk naar Frans Franciscus, die na zijn verblijf gevraagd werd terug te komen om een muurschildering te maken (de Bling Madonna van Otrobanda) in de jeugdgevangenis van Curaçao. Of kijk naar Bart Stuart en Klaar van der Lippe, die tijdens hun verblijf door het nauwe contact met studenten nieuwe werkprocessen verkenden en hier in de Kunsthal met jongeren tot 30 juli zullen werken aan een artistieke praalwagen.

En kijk naar Jeroen Kooijmans, die samen met Elspeth Diederix in 2013 een werkperiode bij het IBB afrondde, en van wie op dit moment de filmbeelden uit Curaçao te zien zijn in het Stedelijk Museum Den Bosch, waar ze deel uit maken van de monumentale video-installatie The Fish Pond Song.

Ze zijn ook zo goed in samenwerken, David en Tirzo, in verbinden. Dat zie je op Curaçao waar ze onder andere samenwerken met de Capriles Kliniek, een psychiatrische instelling, en je ziet het ook bij dit project hier in Rotterdam. Er wordt samengewerkt met Tent en met Sculpture International Rotterdam en er wordt deelgenomen aan het Zomercarnaval.

De energie en betrokkenheid van het IBB sterkt me in de overtuiging dat de vaak gehoorde tegenstelling tussen autonoom of betrokken in de beeldende kunst niet opgaat. Het is zoals Maarten Doorman schrijft in De navel van Daphne: Kunst staat buiten de wereld en omarmt haar soms zo hevig dat ze er even mee samenvalt; ze is, om het romantisch uit te drukken, absoluut in haar isolement en totaal in haar omhelzing. Beide. Tegelijk.

De kunst van het IBB is juíst die concessieloze betrokkenheid. En het levert fantastische werk op, zoals de tentoonstelling hier bewijst.

Goed dat de Kunsthal hiervoor een podium biedt en geheel in de stijl van het IBB deze zomer verandert in een atelier, een summerschool. Met werk van ervaren kunstenaars én met lessen voor een dertigtal talentvolle jonge kunstenaars. En met deelname van het publiek, dat bij de lurven wordt gegrepen en zijn veilige, vertrouwde eigen perspectief voor even moet loslaten.

Want dat is wat zowel het werk van Tirzo als dat van David doet: je bij de lurven grijpen. Tirzo doet dat vaak met grote installaties, die de complexe samenleving op Curaçao en het verleden haarscherp raken. En David die met zijn altijd overrompelende verbeeldingskracht de kijker van z’n sokken blaast. Zelf riep David Bade ooit in de krant over zijn werk: Kijken motherfuckers! Diezelfde krant schreef over hen: De kunstwereld kan af en toe dit soort opfrissers gebruiken (Mark Peeters 1997). Daar sluit ik me graag bij aan.

Tot slot nog een bijzonder extra dankwoord aan Tirzo en David, die beiden met hun tomeloze energie en talent kunst maken én anderen raken, bewegen en inspireren. Wat mij betreft: er zijn geen betere ambassadeurs denkbaar om duidelijk te maken wat kunst vermag. Dankjulliewel!