In opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap evalueert een visitatiecommissie periodiek het beleid en de dagelijkse praktijk van de zes rijkscultuurfondsen: het Nederlands Filmfonds, Mondriaan Fonds, Fonds voor Cultuurparticipatie, Fonds Podiumkunsten, Nederlands Letterenfonds en Stimuleringsfonds Creatieve Industrie. De evaluatie over 2023–2025 heeft in 2026 plaatsgevonden.
De visitatiecommissie stelt vast dat de rijkscultuurfondsen elk een sterke band hebben met het eigen veld. De commissie benadrukt het belang van een scherpere strategische positionering van de fondsen, gebaseerd op heldere beleidskaders van het ministerie. Hierdoor kunnen de specialistische kennis en signaleringsfunctie van de fondsen nog beter worden benut en krijgen zij meer ruimte om in het belang van de ontwikkeling van hun sector in te spelen op opkomende vraagstukken en veranderende omstandigheden. Ook kunnen zij impactsturing beter inzetten.
‘De kracht van de fondsen ligt […] niet alleen in het zorgvuldig uitvoeren van regelingen, maar ook in hun verbinding met makers en de samenleving. De cultuursector is als geen ander in staat om te verbeelden, te bevragen en te verbinden.’
– Voorzitter Inge Brakman
Heldere verwachtingen
De commissie ziet kansen voor meer afstemming in vraagstukken die de grenzen van afzonderlijke sectoren (deels) overstijgen, zoals kunstmatige intelligentie en duurzaamheid. Ze is positief over de gemeenschappelijke aanpak in het Caribisch deel van het Koninkrijk, waar de fondsen onder meer via een meertalige website en specifieke regelingen, gemeenschappelijk hebben geïnvesteerd in zichtbaarheid, bereikbaarheid en ondersteuning. Ook ziet ze dat de werkvelden zijn verbreed en zowel de geografische spreiding als de diversiteit van de aanvragers bij alle fondsen is vergroot. De commissie stelt vast dat bij alle fondsen de communicatie is verbeterd door heldere verwachtingen te creëren bij aanvragers, zowel aan de voorkant van een aanvraag als bij het uiteindelijke besluit.
Tegelijkertijd ziet ze dat de druk op de beschikbare middelen in combinatie met toegenomen verwachtingen richting de fondsen ten aanzien van verbreding, in teleurstelling resulteert binnen veel van de sectoren. Dit vraagt om (politieke) keuzes over de prioritering van middelen en doelstellingen.
Mondriaan Fonds
De visitatiecommissie spreekt haar waardering uit voor de manier waarop het Mondriaan Fonds zijn rol vervult binnen de culturele infrastructuur. In het rapport worden onder meer de geografische spreiding van de ondersteuning van het fonds, de efficiënte en professionele organisatie en de zorgvuldige procedures positief beoordeeld. Ook is de commissie lovend over eigen initiatieven als de essaybundel Norm op Tafel en de werking van het adviesplatform. Daarnaast wordt de persoonlijke en mensgerichte inrichting van bezwaarprocedures als voorbeeldstellend genoemd. De commissie moedigt het fonds aan om de opgedane kennis en ervaringen op dit terrein te delen met andere rijkscultuurfondsen.
Aanbevelingen
De commissie heeft verschillende aanbevelingen. Ze vraagt de analyse van het bredere financieringslandschap verder te verdiepen, met meer aandacht voor het totale veld en de wisselwerking tussen publieke en private financiers. Ook wordt aanbevolen scherper in beeld te brengen waar ondersteuning in het culturele ecosysteem het meest nodig is en welke positie het Mondriaan Fonds daarin inneemt. De commissie vraagt aandacht voor de continuïteit van WaU-projecten, een verdere verankering van onderzoeksresultaten in de zelfevaluatie en een ontwikkeling van instrumenten om maatschappelijke impact inzichtelijker te maken.
‘Het visitatierapport bevestigt dat we als Mondriaan Fonds dicht bij het veld staan. De commissie waardeert onze professionele, zorgvuldige en persoonlijke werkwijze. De aanbevelingen bieden waardevolle aanknopingspunten om onze zelfevaluatie verder te versterken en transparanter te maken, zodat we onze rol, afwegingen en impact nog scherper kunnen duiden. Tegelijk staan we voor een belangrijke opgave: het maken van zorgvuldige keuzes binnen een breed en divers beeldende kunst- en erfgoedveld, waarin de vraag naar ondersteuning onverminderd groot is. Door goed te blijven luisteren naar wat er leeft in het veld, kan het Mondriaan Fonds de ondersteuning blijven afstemmen op de wensen en noden van de sector. Zo blijven we samen werken aan een sterk, veerkrachtig en toekomstbestendig beeldende kunst- en erfgoedveld.’
– Directeur Michael Huijser
Aanvragers tevreden
Het waarderingsonderzoek onder subsidieaanvragers uit 2023, 2024 en 2025 laat zien dat het Mondriaan Fonds breed wordt gewaardeerd om zowel zijn bijdrage aan de ontwikkeling van beeldende kunst en cultureel erfgoed als om de kwaliteit van zijn dienstverlening. Aanvragers beoordelen het fonds positief tot zeer positief en zien het als een toegankelijke, betrokken en deskundige organisatie die inspeelt op ontwikkelingen in de sector en bijdraagt aan een inclusieve en diverse culturele praktijk. Ook de dienstverlening, communicatie, het aanvraagproces, het contact met medewerkers en de website worden overwegend positief beoordeeld, waarbij op verschillende onderdelen sprake is van een verbetering ten opzichte van eerdere metingen. Tegelijkertijd biedt het onderzoek waardevolle inzichten voor verdere ontwikkeling, onder meer op het gebied van de ervaren doorlooptijd van aanvragen. De uitkomsten van dit onafhankelijke onderzoek worden meegenomen in de ontwikkeling van het fonds, de voorbereiding op de beleidsperiode vanaf 2029 en de visitatie die in 2026 in opdracht van het ministerie van OCW is uitgevoerd.
Over de visitatiecommissie
De visitatiecommissie bestond uit Inge Brakman (voorzitter), Farid Tabarki, Irene Costera Meijer, Werner Schouten, Ann Overbergh en Maike Olij (secretaris). Het rapport van de visitatiecommissie is op 30 september in ontvangst genomen door Youssef Louakili, directeur-generaal Cultuur en Media op het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.