Jessica Skowroneck

Jessica Skowroneck, The colour of mud, 2017

Volgens Jessica Skowroneck (1989) leven we in een vreemde tijd. De ongerepte natuur is een fantasie geworden. Zelfs op de meest afgelegen plaatsen wordt de natuur beïnvloed door klimaatverandering en vervuiling. Mensen trekken nog steeds de stad in, en zetten daar hun appartementen vol met kamerplanten. Dat noemen ze een Urban Jungle. (Er wordt gezegd dat kamerplanten goed werken tegen stress, sommigen zouden luchtzuiverend werken en straling afweren.) Romantische stromingen in de kunst bestaan al honderden jaren, kunstenaars willen al tijden terug naar een natuurlijke staat van zijn, in harmonie met de natuur. Skowronecks werk sluit aan op deze traditie: ze schildert elementen en sensaties die ze in haar directe omgeving tegenkomt in de natuur. Ook haar huis staat vol met plantjes en ze is verliefd op haar moestuin. Harmonie met de natuur is op grote schaal moeilijk te realiseren, maar eigen huis en tuin zijn nog binnen handbereik. Maar tuinieren blijkt bijna net zo chaotisch te verlopen als schilderen. Ook daar regeert de chaos: onkruid, slakken en de huisbaas die zegt dat het er te rommelig uitziet, dat ze daar toch echt iets aan moet doen. Helaas, ook hier geen vrijplaats. In haar schilderijen echter, mag het onkruid groeien zo hard als het wil. Daar is de cactus de baas en kan een aardappel zwanger zijn. Als de ongerepte natuur echt een fantasie is geworden, dan mag die fantasie in Skowronecks werk woekeren. Uiteindelijk groeien dan alle grindtuintjes wel weer dicht. (SH)