Ricardo van Eijk

Ricardo van Eyk, CANAL IV’ 2020 stalen bevestiging, gepoedercoat aluminium, aluminium, 190 x 190 x 95cm. Courtesy Tegenboschvanvreden Ricardo van Eyk, CANAL IV’ 2020 stalen bevestiging, gepoedercoat aluminium, aluminium, 190 x 190 x 95cm. Courtesy Tegenboschvanvreden

Ricardo van Eyk (1993) beschouwt zichzelf als schilder. Maar zaag, boor, en schuurmachine zijn voor hem even belangrijk als verf en kwast. Sterker nog: elementen en materialen buiten het traditionele schilderen werden langzaam maar zeker een voorwaarde voor het ontstaan van zijn werk. Dat begon tijdens zijn verblijf aan De Ateliers in Amsterdam, toen hij panelen construeerde voor zijn schilderijen. De opgevulde en gladgeschuurde naden en schroefgaten vormden een eigen patroon. Dat idee buitte hij uit. Door panelen bewust te beschadigen en met materialen als latex en plamuur te helen en door opgebrachte verflagen deels weer weg te schuren, ontstaan er onverwachte composities waarmee Van Eyk probeert zijn eigen esthetiek te omzeilen.

In dat spel van beschadigen en helen, en van toeval en regisseren, ging ook de tentoonstellingsruimte een steeds grotere rol spelen. Voor de installatie die hij in 2019 bij P////AKT (Amsterdam) maakte, werd de ruimte onderdeel van het werk en stapte de bezoeker als het ware een schilderij binnen. Van Eyk: “De verwarring tussen object en omgeving, het kunstwerk en de ruimte, voelt als een logische stap in het verbreden van mijn praktijk binnen de context van de schilderkunst.” Op Prospects toont hij een grote serie paraplu-achtige aluminium schotels die zijn bewerkt met verf en deels zijn kaal geschuurd. Door ze een plek te geven in de industriële constructie van deze hal, eigent hij zich de ruimte toe. “Ik hoop op een dialoog tussen de werken en de ruimte, alsof de werken daarboven in de constructie thuishoren, alsof ze een overblijfsel zijn van een vroegere functie in de fabriek.”

www.ricardovaneyk.nl