Roos Holleman

Roos Holleman. Masque d’Oro Efe, 2015 pastel op papier, 100 x 70 cm

Noor Mertens: Wat zoek je op in je werk?

Roos Holleman: Het representeren van dingen intrigeert mij. Mijn bron is vaak het natuurhistorisch museum. Ik dacht voorheen dat daar de natuur te zien was, de verstilde natuur, maar het is eigenlijk zowel geconserveerde natuur als cultuur. Het zijn objecten die uit hun oorspronkelijke habitat zijn gehaald en qua context weinig meer van doen hebben met de plek van herkomst. De betekenis van voorwerpen kan soms helemaal zoekraken. Peter Mason heeft over het gegeven dat het exotische nooit thuis is een heel interessant boek geschreven, Representations of the Exotic. Wanneer in het verleden bijvoorbeeld een persoon uit Papua werd geschilderd, wilde men ook door middel van de achtergrond het gevoel geven dat men in Papua was. Vaak krijg je dan een mix van invloeden, terwijl onderzoekers zich nu buigen over wat echt is en wat niet. Is het een Amerikaans of Polynesisch landschap? Je moet door veel filters kijken terwijl kennis, of het deels ontbreken daarvan, in feite het eerste filter is. Ik vind de verzamelplek die een museum is veel interessanter dan de natuur. Bronnen krijg je op een dienblaadje aangeboden, er heerst een andere magie dan wanneer je buiten bent en op zoek gaat naar een bepaalde vogel. Mensen vragen wel eens waarom ik alleen maar dode dieren teken. Mijn standaardantwoord is dan: ‘dan kan je tenminste tekenen, want dan zit het stil.’

Noor Mertens: Wat is dan de status van jouw werk?

Roos Holleman: Op een bepaalde manier is het een representatie. Ik fotografeer het dier of object en ga het vervolgens tekenen. De vraag is of je het je als kunstenaar kunt toe-eigenen, of het geloofwaardig wordt. Ik begin met letterlijk iets weer te geven. Vervolgens kijk ik steeds minder naar het echte voorwerp of de foto. Dan gaat het onderwerp over naar de tekening en houd je twee totaal verschillende dingen over. Sowieso is het verschil tussen mijn werk en wetenschappelijke illustraties groot. De tekening en het voorwerp blijven in het laatste geval een en hetzelfde. Dat is naar mijn idee de scheidslijn tussen een illustratie maken en een opzichzelfstaand werk. Je houdt twee dingen over. Of eigenlijk houd je maar één ding over en haal je het andere helemaal weg. Het oorspronkelijke object blijft in het schimmenrijk of het depot en het andere, de tekening, haal je naar buiten. Papier is mijn vitrine, alleen dan zonder opsmuk of afleiding.

Fragment uit Prospects & Concepts 2016, een uitgave van het Mondriaan Fonds. Interview: Noor Mertens.

Roos Holleman (1989, Tilburg) woont en werkt in Tilburg en Aarhus, Denemarken. Contact: roosholleman.nl.