Click here for English
Elise van Staveren (2000) wordt in haar praktijk gedreven door persoonlijke observaties van universele ervaringen. Ze richt zich op alledaagse beelden en herinterpreteert deze, zoals van een jas die opbolt alsof hij gedragen wordt terwijl de drager ontbreekt. Met olieverf zet Van Staveren deze momenten vast in de tijd en preserveert zo het vluchtige. Daarnaast giet de kunstenaar alledaagse objecten, zoals paracetamolstrips, theezakjes en verjaardagkaarsjes in zilver. Dit materiaal laat zich juist wél tekenen door het verstrijken van de tijd: langzaam reageert het met de lucht en vormt zich een patina.
De kern van Van Staverens praktijk ligt in de spanning tussen de precieze momenten die ze probeert te bewaren en de ervaring van de altijd aanwezige eindigheid. Van Staveren: ‘Als mensen staan we tussen twee benaderingen van tijd in: de wens om vast te houden én de realiteit van de onvermijdelijke vergankelijkheid.’ De voorbijgaande ogenblikken probeert Van Staveren te vangen en in een solide vorm aan ons te presenteren. Door de grenzen van begin en eind te laten vervagen, laat de kunstenaar zien hoe poreus de kaders zijn van onze dierbare momenten.
Het werk in Prospects is een voortzetting van dit onderzoek. We zien kledingstukken geschilderd met olieverf, gevuld met de contouren van een menselijk lichaam. In uitgesneden nissen in het canvas liggen zilveren objecten als referenties aan de vluchtigheid van onze herinneringen. Deze objecten liggen ook op de grond, als ware ze stromend uit het schilderij, op zoek naar een permanente plek in het hier en nu.
Geschreven door: Kelly-ann van Steveninck